18 - 01 - 2012
Sinds 1 januari 2012 is de vakantiewetgeving ingrijpend veranderd. Vooral wat betreft de opbouw van vakantiedagen en de opname van vakantiedagen tijdens ziekte is veranderd. Bovendien is de verjaringstermijn van vakantiedagen aangepast en is het onderscheid tussen wettelijke vakantiedagen en bovenwettelijke vakantiedagen belangrijker geworden.
Een zieke werknemer bouwt voortaan gedurende de volledige ziekteperiode vakantiedagen op. Eerst bouwde een zieke werknemer enkele over de laatste zes maanden van zijn ziekte vakantiedagen op. Deze wijziging is doorgevoerd omdat de (voormalige) Nederlandse wetgeving niet in overeenstemming was met de Europese richtlijn.
Vakantiedagen die zijn opgebouwd in 2012, maar niet vóór 1 juli 2013 zijn opgenomen, vervallen per die datum. Dit geldt enkel voor de wettelijke vakantiedagen (20 dagen bij een full-time werknemer). Voor de bovenwettelijke vakantiedagen geldt nog steeds de verjaringstermijn van vijf jaar.
Het doel van de aanpassing in de verjaringstermijn is het stimuleren van het opnemen van vakantiedagen, in plaats van het ‘uitsparen’ van vakantiedagen en deze laten uitkeren bij het einde dienstverband.
Voor werkgevers is het van belang om in de verlofregistratie een helder onderscheid te maken in de opgespaarde vakantiedagen vóór 1 januari 2012, waar nog de reguliere regeling voor geldt, de wettelijke vakantiedagen vanaf 1 januari 2012, waar de nieuwe vervaltermijn van zes maanden van toepassing is en de bovenwettelijke vakantiedagen.